Het zangproject. De jaarlijkse voorstelling is een bekend begrip geworden op de HMD. Vorig jaar heb ik voor het eerst een voorstelling gezien. Dit jaar was dat anders, want ik speelde zelf mee in de band. Een kort verslag van een klassiek bassiste die Nederlandse popmuziek ging spelen.
Ik kan heus wel andere stijlen spelen!
Na een voorspeelavond, vlak voor de kerstvakantie, kwam Wouter met de vraag of ik mee wilde doen aan het zangproject. Hij wilde een band die de muziek zou spelen tijdens de voorstellingen. Ik was heel verbaasd dat Wouter mij vroeg. Naar mijn idee kon hij beter een basgitarist vragen dan een klassiek bassiste. Maar hij wilde een contrabas, omdat die een betere sound had voor de nummers. Ik begon te twijfelen. Vooral toen hij zei dat de repetities op vrijdag zouden zijn, van vijf tot zes uur. Dan moest ik mijn vrije vrijdagmiddag dus opgeven; een moeilijke keuze. Maar aan de andere kant, we zouden ook gaan improviseren. En dat is iets wat ik eigenlijk al heel lang wil leren. Wouter is zelf ook bassist, dus hij kon me dat ook leren. Daarom heb ik toch besloten mee te doen. Gewoon voor de uitdaging, omdat het iets anders is dan wat ik normaal doe.
Na de kerstvakantie konden de repetities beginnen. Week in, week uit, door weer en wind. We repeteerden in een studio bij Wouter en Femke thuis, een kwartiertje lopen vanaf Codarts. De eerste keer dat we bij elkaar kwamen, was ik heel zenuwachtig. Ik was bang dat de band mij te klassiek vond en niet goed vond spelen. Het thema was Nederlandstalig. In die nummers heeft de bas gewoon een paar standaardloopjes. Daar was ik blij om, omdat ik dan niet teveel fout kon doen. Nu klinkt dit heel dramatisch, maar zo erg was het niet. Ik moest wennen aan deze nieuwe stijl en de manier van repeteren. We kregen akkoordenschema’s in plaats van bladmuziek. Deze waren makkelijk te volgen, want van blad lezen vind ik niet moeilijk. Moeilijker was het improviseren met de akkoorden, er een goede baslijn van maken. Wouter gaf me tips en het ging voor mijn gevoel steeds beter. Het werd toen ook leuk om de standaardloopjes weg te halen en ze te veranderen.
Weken verstreken en opeens was het al de week voor de voorstellingen. We hadden bijna alle nummers al af en gingen hele dagen repeteren met de zangers erbij. Eindelijk begon het ergens naar te klinken. Door dagen achter elkaar te moeten plukken (pizzicato, zonder strijkstok spelen) had ik blaren gekregen, waarvan de littekens trouwens nog niet weg zijn. Het waren hele toffe dagen en ik kreeg echt zin in de voorstellingen. Het voorstellingsweekend duurde naar mijn idee veel te kort. Het was heel gezellig. We repeteerden, aten, praatten en lachten met elkaar. De voorstellingen gingen goed, met af en toe natuurlijk wel een foutje. Maar dat nam het plezier niet weg. Het leuke was ook dat de band na elke voorstelling, totaal vier, een luid applaus kreeg. Dank en waardering is altijd leuk om te krijgen.
Ja, ik kan zeggen dat ik echt geen spijt heb dat ik hieraan heb meegedaan. Het waren sowieso gezellige dagen, maar ook leerzaam. Ik kan dus ook iets anders dan klassiek. Daardoor heb ik besloten dat ik jazzlessen erbij ga nemen. Ook hoop ik dat andere leerlingen nu hebben gezien dat ik niet alleen klassiek kan spelen. Ik wil en kan heus wel andere stijlen spelen!
Jennifer Blom (bassiste, 4muziek)


 Foto's Ed van Ree.
naar overzicht
naar vorige pagina
|